14.43.00 Vereenvoudiging douanevervoer; Verzegelingen van een bijzonder model
2 Vergunning gebruik verzegelingen van een bijzonder model
De procedure zoals beschreven in onderdeel 14.40.00 van dit Handboek (algemene voorwaarden) is van toepassing. In dit onderdeel gaan we in op de specifieke eisen voor deze vereenvoudiging.
Bij de aanvraag zal een technische beschrijving en, indien niet voldaan aan ISO-norm “Vrachtcontainers - Mechanische afdichtingen”, een voorbeeld van de te gebruiken verzegeling overlegd moeten worden zodat beoordeeld kan worden of voldaan wordt aan de eisen.
De aanvraag gaat via het EU Trader Portal en de invulinstructie is te downloaden via deze link.
Naar boven2.1 Beoordelen van vergunningaanvraag
2.1.1 Voorwaarden aanvrager
Na ontvangst van de aanvraag worden algemene criteria voor afgifte van een vergunning en de specifieke eisen die bij deze vergunning horen getoetst.
De aanvrager moet voldoen aan de volgende voorwaarden:
-
de aanvrager is gevestigd in het douanegebied van de Unie;
-
de aanvrager verklaart dat hij regelmatig gebruik zal maken van de regeling Uniedouanevervoer. Zie voor regelmatig gebruik subparagraaf 1.2.1. Regelmatig gebruik regeling Uniedouanevervoeronderdeel 14.40.00 van dit Handboek;
-
de aanvrager voldoet aan de in artikel 39, onder a), b) en d), van het wetboek vastgestelde criteria.
De vergunningen worden slechts verleend op voorwaarde dat de douaneautoriteit van oordeel is dat zij in staat zal zijn om toezicht te houden op de regeling Uniedouanevervoer en controles te verrichten zonder dat zij daarvoor administratieve maatregelen moet nemen die niet in verhouding staan tot de behoeften van de betrokkene. De aanvrager dient onder meer te kunnen verantwoorden wanneer de door hem aangebrachte verzegelingen zijn gebruikt.
(artikel 191 GVo. DWU)
Hiernaast is als voorwaarde gesteld dat de aanvraag wordt ingediend in de lidstaat waarin het douanevervoer zal starten.
(artikel 197 bis GVo. DWU)
Het DWU spreekt over "zegels van een speciaal soort" in artikel 233 lid 4 letter c. Het Handboek Douane gebruikt de bewoordingen die de UVo. DWU ook gebruikt: verzegelingen van een bijzonder model.
Naar boven2.1.2 Voorwaarden verzegeling
De te gebruiken verzegeling zoals die in de aanvraag is omschreven moet door de Douane zijn goedgekeurd. De technische eisen waaraan de verzegeling moet voldoen zijn opgenomen in artikel 301, lid 1 UVo. DWU.
(artikel 197, lid 1 GVo. DWU en artikel 317, lid 1 UVo. DWU)
De verzegeling moet de naam van de vergunninghouder of een afkorting van zijn naam of een code, zoals zijn EORI-nummer, bevatten op basis waarvan de Douane van de lidstaat van vertrek de vergunninghouder kan identificeren.
Wanneer de verzegelingen door een bevoegde instantie zijn gecertificeerd overeenkomstig ISO-norm 17712:2013 „Vrachtcontainers - Mechanische afdichtingen”, worden deze verzegelingen geacht aan de vereisten van artikel 301, lid 1 UVo. DWU te voldoen.
(artikel 317, lid 2 UVo. DWU)
Naar boven2.1.2.1 Verzegeling op de website Douane
De aanvrager (vergunninghouder 1) heeft de mogelijkheid om ermee in te stemmen dat de Douane diens goedgekeurde verzegeling publiceert op www.douane.nl. Hiermee heeft een derde vergunninghouder van de Vergunning gebruik verzegelingen van een bijzonder model (vergunninghouder 2) de mogelijkheid de door vergunninghouder 1 aangebrachte verzegeling te gebruiken voor het toepassen van zijn vergunning. Zie hiervoor ook de paragraaf 2.2 hieronder.
Naar boven2.1.2.2 Aanvraag vergunning
Voldoen aan de ISO-norm
Tijdens het onderzoek of de aanvrager en de verzegeling voldoen aan de voorwaarden van de vergunning, overlegt de aanvrager bewijs dat de verzegeling is gecertificeerd overeenkomstig ISO-norm 17712:2013 „Vrachtcontainers -Mechanische afdichtingen”. Het is aan de aanvrager om documenten te overleggen waarmee kan worden aangetoond dat de verzegelingen daadwerkelijk voldoen aan de ISO-norm 17712:2013 „Vrachtcontainers -Mechanische afdichtingen”.
Voldoet de verzegeling aan de ISO-norm 17712:2013, dan volstaat een foto in .jpeg-formaat van de verzegeling. De foto’s zijn op een witte achtergrond op liggend formaat (landscape). Hierop moeten de vermeldingen zoals EORI-nummer en/of logo en nummering duidelijk zichtbaar zijn.
Tijdens het voornoemde onderzoek overlegt de aanvrager ook:
1. NAW-gegevens van de leverancier/fabrikant. Om commerciële redenen hoeft de leverancier van de verzegeling niet de naam van de voorafgaande schakel kenbaar te maken aan de aanvrager. In dit geval verstrekt de leverancier een verklaring aan de aanvrager waarin de leverancier verklaart dat de verzegeling voldoet aan de ISO-norm 17712:2013. Wel kan de Douane deze leverancier vragen de gegevens van die voorafgaande schakel, waaronder ook het certificaat van de ISO-norm wel te verstrekken;
2. identificatiekenmerken van de verzegeling: vaak EORI-nummer + 4 cijferig uniek volgnummer (zie 3), maar kan ook een logo zijn;
3. verklaring van fabrikant/leverancier met unieke nummerverklaring, startend met nummer.... t/m nummer ....., waarbij alle cijfers zijn opgenomen inclusief voorloopnullen (bijvoorbeeld 00001); en
4. de technische omschrijving van de verzegeling (veelal van de website van de fabrikant).
Niet voldoen aan de ISO-norm
In het geval de verzegeling niet is gecertificeerd voor de ISO-norm 17712:2013, dan overlegt de aanvrager vijf voorbeeld verzegelingen om te controleren of de verzegeling voldoet aan de eisen. Dit gebeurt tijdens het onderzoek of de aanvrager en de verzegeling voldoen aan de voorwaarden van de vergunning. Op de verzegelingen moeten de vermeldingen zoals EORI-nummer en/of logo en nummering duidelijk zichtbaar zijn.
Tijdens het voornoemde onderzoek overlegt de aanvrager ook:
1. NAW-gegevens van de leverancier/fabrikant;
2. identificatiekenmerken: vaak EORI-nummer + 4 cijferig uniek volgnummer (zie 3), maar kan ook een logo zijn;
3. verklaring van fabrikant met unieke nummerverklaring, startend met nummer.... t/m nummer ....., waarbij u alle cijfers opneemt inclusief voorloopnullen (bijvoorbeeld 00001); en
4. de technische omschrijving van de verzegeling (veelal van de website van de fabrikant).
Hiermee geeft de aanvrager aan dat de verzegeling voldoet aan de volgende technische eisen die artikel 301 UVo. DWU voorschrijft:
1. deze moet bij normaal gebruik ongeschonden en stevig vastgemaakt blijven;
2. deze moet op eenvoudige wijze gecontroleerd en geïdentificeerd kunnen worden;
3. deze mag niet verbroken en weer aangebracht, gemanipuleerd of verwijderd kunnen worden zonder dat dit met het blote oog waarneembare sporen achterlaat;
4. deze zijn ontworpen voor eenmalig gebruik of, bij hergebruik worden ze telkens voorzien van een duidelijk en individueel identificatiekenmerk;
5. deze moet zijn voorzien van identificatiekenmerken die permanent, gemakkelijk leesbaar en uniek genummerd zijn;
6. deze zijn onmogelijk te vervalsen en moeilijk na te maken; en
7. Het gebruikte materiaal is zo stevig dat het niet mogelijk is per ongeluk te breken.
(artikel 301, lid 1 UVo. DWU)
De aanvrager mag gebruik maken van reeds in een andere lidstaat goedgekeurde verzegeling van een bijzonder model. Deze verzegeling wordt geacht te voldoen aan de technische eisen, tenzij informatie voor handen is dat dit niet het geval is.
(artikel 197 lid 2 GVo. DWU)
Het vergunningafgevende douanekantoor beoordeelt zelf de verzegelingen die blijkens de aanvraag zijn gecertificeerd overeenkomstig ISO-norm 17712:2013. Deze verzegeling wordt immers geacht aan de vereisten te voldoen. Ten behoeve van het onderzoek of de verzegeling voldoet aan de voorwaarden kan het vergunningafgevende kantoor alsnog de aanvrager verzoeken om fysiek een verzegeling die is gecertificeerd overeenkomstig deze norm te overleggen.
Verzegelingen die niet zijn gecertificeerd overeenkomstig ISO-norm 17712:2013 stuurt het vergunningafgevende douanekantoor door naar Douane Eindhoven/de Zuivering/Controle verzegelingen in Heerlen, onder bijvoeging van de gegevens van bijlage 1 van dit onderdeel van het Handboek Douane. De Zuivering toetst of de verzegeling aan de technische kenmerken en overige voorwaarden voldoet. De Zuivering zal het vergunningafgevende douanekantoor informeren over de uitslag van het onderzoek, waarna het vergunningafgevende douanekantoor verder gaat met de aanvraagprocedure.
Naar boven2.2 De afgifte van de vergunning
Nadat beoordeeld is of de aanvrager en de verzegeling van een bijzonder model voldoen aan de gestelde eisen voor de vergunning, kan de vergunning worden afgegeven via CDMS. Onderdeel van de beoordeling is onder meer ook de wijze van beheer van de verzegelingen. In de bijlage bij de vergunning wordt in ieder geval de foto opgenomen van de verzegeling waarop de identificatiekenmerken van de vergunninghouder duidelijk zichtbaar zijn.
(artikel 197 lid 1 GVo. DWU)
In het geval de vergunningaanvrager heeft ingestemd om diens verzegeling te publiceren op www.douane.nl, vindt na de vergunningafgifte de publicatie plaats. Hiervoor is op het vergunningverlenende douanekantoor de instructie “publicatie verzegeling” beschikbaar.
De specifieke kenmerken van de verzegeling worden in de vergunning opgenomen. Ook in de technische beschrijving die het vergunningverlenende douanekantoor ontvangt bij het keuringsbericht van Douane Eindhoven/de Zuivering/Controle verzegelingen zijn de aanwijzingen voor deze vermeldingen (type) vermeld.
De vergunninghouder van de vergunning verzegelingen van een bijzonder model kan de vergunning in twee situaties gebruiken:
- wanneer de onder de regeling Uniedouanevervoer geplaatste goederen:
-
nog niet zijn verzegeld of
-
niet zijn verzegeld met een door de Douane goedgekeurde verzegeling of
-
zijn verzegeld met een door de Douane goedgekeurde verzegeling die niet op de website www.douane.nl is opgenomen.
-
- wanneer de vergunninghouder verzegelingen van een bijzonder model optreedt als aangever voor de regeling Uniedouanevervoer voor goederen die zijn geladen in een container die al van een goedgekeurde en op de website van de Douane gepubliceerde verzegeling is voorzien en voldoen aan de voorwaarden die zijn beschreven in paragraaf 2.3 hierna.Dit kan bijvoorbeeld in het geval een cargadoor met toepassing van zijn vergunning verzegelingen van een bijzonder model containers in een derde land laat verzegelen met goedgekeurde en op de website van de Douane gepubliceerde verzegelingen. Bij aankomst in de Unie kan een andere vergunninghouder deze verzegelingen overnemen overeenkomstig de beschreven procedure in de volgende paragraaf 2.3.
Toegestaan wordt dat de vergunninghouder de verzegeling ook gebruikt voor andere regelingen dan Uniedouanevervoer, zoals (weder)uitvoer of ook in het geval er geen sprake is van een douaneregeling. Dit voorkomt dat de vergunninghouder meerdere soorten verzegelingen moet gebruiken en beheren. Wel dient de vergunninghouder te kunnen verantwoorden wanneer en waarvoor de verzegelingen zijn gebruikt. Het betreft in deze gevallen niet een identificatiemaatregel die is aangebracht overeenkomstig artikel 192, lid 1 DWU.
2.3 Reeds aangebrachte verzegeling op containers
Het kan voorkomen dat al een goedgekeurde en op de website www.douane.nl gepubliceerde verzegeling is aangebracht. Dit zal dan in de praktijk merendeels het geval zijn bij een container. Deze verzegeling is veelal aangebracht voordat de goederen buiten de Unie worden geladen in het schip of vliegtuig waarmee deze containers naar de Unie worden vervoerd, maar kan zich ook elders in het logistieke proces voordoen.
Toegestaan wordt dat de aangever voor douanevervoer een reeds aangebrachte verzegeling op een container overneemt in de aangifte voor Uniedouanevervoer.
Voorwaarden hierbij zijn dat:
-
de aangever van de regeling Uniedouanevervoer in het bezit is van de vergunning gebruik verzegelingen van een bijzonder model, en
-
deze reeds aangebrachte verzegeling van een derde is goedgekeurd en opgenomen als zodanig op www.douane.nl
-
deze verzegeling moet ook zijn gebruikt bij de voorafgaande regeling of in het voorafgaande proces van tijdelijke opslag.