Over welk bedrag wordt de bpm berekend?
De Belastingdienst berekent de bpm:
- voor een personenauto over de CO2-uitstoot
- voor een bestelauto of een motor over de nettocatalogusprijs
Nettocatalogusprijs
De nettocatalogusprijs is de catalogusprijs min de omzetbelasting. De catalogusprijs is de verkoopprijs die de fabrikant of importeur van de personenauto, bestelauto of motor in Nederland adviseert.
Bij een nieuwe bestelauto of motor geldt de catalogusprijs van de datum waarop het voertuig een kenteken krijgt.
Bij een gebruikte bestelauto of motor geldt de catalogusprijs van de datum waarop het voertuig voor het eerst in gebruik is genomen.
Extra opties, accessoires en bijzondere uitvoeringen
Onderdeel van de nettocatalogusprijs zijn ook:
- extra opties die door of namens de importeur of fabrikant zijn aangebracht
- accessoires die door of namens de importeur of fabrikant zijn aangebracht
- meerkosten voor bijzondere uitvoeringen
Hierover moet u dus ook bpm betalen. Doet u aangifte of opgaaf? Dan controleert de Belastingdienst de bestelauto of motor op opties en accessoires.
Nettocatalogusprijs bij bestelauto's van het type chassiscabine met specifieke voorzieningen
Ook voor de bestelauto is de nettocatalogusprijs het uitgangspunt voor de berekening van de bpm. Hebt u een bestelauto van het type chassiscabine en laat u deze naar uw wens aanpassen? Dan hoeft u over de kosten van aanpassingen voor bedrijfsmatig gebruik geen bpm te betalen. Het gaat dan bijvoorbeeld om kosten voor:
- een laadbak met specifieke afmetingen
- een takelinstallatie
- rekken voor glasvervoer
- een platform voor vervoer van schadeauto's
U berekent de bpm voor dit soort voertuigen over de nettocatalogusprijs van de bestelauto in de uitvoering chassiscabine.
U moet wel bpm betalen over de kosten van andere voorzieningen dan aanpassingen voor bedrijfsmatig gebruik. De Belastingdienst kan u vertellen over welke aanpassingen en voorzieningen u bpm moet betalen.
U vindt informatie over de verschillende prijzen (catalogusprijs, nettocatalogusprijs en consumentenprijs) én over de prijzen van extra opties, accessoires en bijzondere uitvoeringen onder meer bij de importeur, een dealer of automobielclubs.
Berekening van de bpm
Met de CO2-uitstoot (voor personenauto’s) en de nettocatalogusprijs (voor motoren en bestelauto’s) kunt u berekenen hoeveel bpm u moet betalen. Dit noemen wij het bruto bpm-bedrag. De Belastingdienst controleert of de aangegeven CO2-uitstoot en nettocatalogusprijs (dit is exclusief btw) juist zijn. De nettocatalogusprijs is de nieuwprijs op moment dat het motorrijtuig voor het eerst een kenteken kreeg.
Het netto bpm-bedrag is het bruto bpm-bedrag min de korting op basis van de afschrijving van het motorrijtuig.
Koopt u een nieuwe personenauto, bestelauto of motor en laat u deze registreren? Dan moet u het bruto bpm-bedrag betalen.
Laat u een gebruikte personenauto, bestelauto of motor die u in het buitenland kocht registreren in Nederland? Dan kunt u de bpm op 3 manieren berekenen.
Laat u bijvoorbeeld een bestelauto ombouwen tot personenauto? Dan moet u bpm betalen. Is voor de bestelauto al eerder bpm betaald? En is de bpm voor deze personenauto hoger of gelijk aan de bpm die op het moment van de ombouw nog op de bestelauto zit? Dan mag u de bpm die op het moment van de ombouw nog op de bestelauto zit, aftrekken van de bpm die u moet betalen voor deze personenauto.
Wijziging bruto bpm-bedrag op kentekenbewijs
Het kan voorkomen dat het eerder vastgestelde bruto bpm-bedrag gewijzigd moet worden, bijvoorbeeld nadat een bezwaarprocedure is afgerond of als blijkt dat het uitstootpercentage niet klopt. In dat geval vraagt de RDW u om deel IA van het kentekenbewijs naar hen op te sturen. U ontvangt vervolgens een nieuw deel IA met het juiste bruto bpm-bedrag. De RDW doet dit op verzoek van de Belastingdienst.
Meer informatie over wijziging bruto bpm-bedrag
Hebt u hierover vragen, bijvoorbeeld waarom het bruto bpm-bedrag is gewijzigd? Neem dan contact op met de BelastingTelefoon Auto. De RDW kan u hierover geen informatie geven.
Historisch bruto bpm-bedrag
Voor gebruikte personenauto’s, bestelauto’s en motoren mag de bpm niet hoger zijn dan de bpm voor vergelijkbare motorrijtuigen die al in Nederland zijn geregistreerd. Daarom mag u het bruto bpm-bedrag gebruiken dat gold tussen het tijdstip dat het motorrijtuig (in het buitenland) voor het eerst in gebruik is genomen en het tijdstip van aangifte. Dit noemen wij het historisch bruto bpm-bedrag. U mag het laagste tarief kiezen in die periode. Als u kiest voor het historisch tarief, dan moet u ook rekening houden met alle bepalingen over de catalogusprijs die op dat moment golden (inclusief de regels voor de voorzieningen die al dan niet tot de catalogusprijs gerekend moeten worden) en het toe te passen tarief (waaronder bijvoorbeeld de CO2-toeslag, de fijnstofkorting en de labelregeling).
Is het historisch bruto bpm-bedrag lager dan het huidige bruto bpm-bedrag? Dan mag u het historisch bruto bpm-bedrag gebruiken om te berekenen hoeveel bpm u moet betalen. U moet dan in uw bpm-aangifte aangeven dat u uitgaat van het historisch bruto bpm-bedrag. Dit historisch bruto bpm-bedrag rekent u zelf uit. Stuur deze berekening als extra bijlage mee met uw aangifte. U vindt een toelichting bij de berekening van het historisch bruto bpm-bedrag onder ‘Oude bpm-tarieven’.
